De psychologie van een gezamenlijke betaalrekening
En: Sentimental Value, het belang van de broer-zussenrelatie en de prijs van de hechtingstheorie
Omdat ik vrijwel alle apps op mijn telefoon geblokkeerd heb, kijk ik heel vaak naar het weerbericht en mijn bankrekening. Beide apps geven mij een gevoel (schijn)controle: ik denk te weten hoe een dag zal verlopen (moeizaam, want: sneeuw) en hoe mijn financiële situatie ervoor staat (na een feestmaand en verhuizing: medium). Sinds vorige week heeft mijn bankapp een kleine transformatie doorgemaakt. Tussen mijn eigen betaalrekening en tientallen spaarpotjes schittert nu, jawel, een gedeelde huishoudrekening.
Zo’n gezamenlijke rekening leek me logisch als je samenwoont. Dan hoef je niet telkens om-en-om de boodschappen te betalen (of, god verhoede, een tikkie te sturen). Wat ik niet voorzien had, was dat ik nu bijna live volg hoe mijn partner ons geld uitgeeft (want: niets anders te doen op mijn smartphone). En dat onze verschillende persoonlijkheden (zo leuk, zijn optimistische karakter naast mijn neurotische inborst!) nu opeens zijn uitgedrukt in getallen en albertheijnbezoeken (iets minder leuk, als optimistisch koopgedrag indruist tegen je eigen zuinige aanleg).
Bye bye pseudocontrole.
Piekerend over mijn financiën en onze uiteenlopende geldgewoontes deed ik wat een dertiger tegenwoordig doet: je wendt je tot het internet. Daar bleek een berg aan content over de psychologie van liefde en geld op mij te wachten.
Ik leerde over ‘money-profiles’ – ofwel verschillende geldpersoonlijkheden. Die geldpersoonlijkheid zou opgebouwd zijn uit je ‘waarden’, je emotieregulatie en je (financiële) opvoeding. Als je partner een tegengesteld ‘money profile’ heeft is het volgens psychologen en coaches (veelal ondernemers met online cursussen) zaak om een gezamenlijk ‘geldwaardensysteem’ te ontwikkelen. Wat daarvoor nodig is:
Heel veel gesprekken over hoe beide ‘geldpersoonlijkheden’ zijn opgebouwd (‘hoe ging jouw oma om met geld?’ ‘Geloof je dat nieuwe schoenen je een beter gevoel geven?’).
Wekelijkse ‘one-on-ones’ om geldgewoontes en uitgaven te bespreken (‘hoe voelde het voor jou dat we deze week veertig euro hebben uitgegeven aan vaatwastabletten).
Strategieën zoals: een spaarpotje speciaal voor ‘splurge aankopen’ (een compromis voor een stel waarin de één spaarder is en de ander ‘spender’).
Dit alles om te voorkomen dat jij en je geliefde in het meest voorkomende relatieconflict belanden: ruzie over geld.
Ik las en luisterde naar al dat financiële relatie-advies en dacht: dit klinkt als een fulltime baan. Waar haalt men de tijd vandaan? En kun je die tijd met je partner niet zinvoller, en vooral leuker, besteden? Opeens klonk de suggestie van mijn schoonouders bijzonder aantrekkelijk: ‘Je kunt ook, zoals wij, besluiten dat het je niets uitmaakt en gewoon alles op één hoop gooien.’
Helaas is dit – excuses voor deze platitude – nogal een boomeradvies. Mijn generatie is geobsedeerd door geld, of eerder: grip op geld. Volgens een Amerikaanse enquête praat 94 procent van de millennialkoppels elke week over hun financiën. Generatiegenoten zijn al op hun twintigste begonnen met beleggen (of hebben het gevoel dat ze zouden moeten beleggen), doen aan FIRE of loud budgetting. Vriendengroepen vallen uiteen door grote inkomensverschillen. En dan moet de Grote Erfenis nog komen. Kortom: mijn generatie is extreem onzeker over geld.
Diezelfde onzekerheid doemt op in de liefdesrelatie. Zo’n vijftig procent van de twintigers en dertigers hebben hun ouders zien scheiden – en de financiële gevolgen daarvan (vooral bij hun moeders) gezien. Een derde feministische golf heeft ons bewust gemaakt van het onzichtbare werk dat vrouwen thuis leveren, en de boete op het baren van een kind. Het huwelijk heeft daarom, vooral voor vrouwen, haar glans verloren. Mede door dit gebrek aan vertrouwen in het romantisch ideaal zijn huwelijkse voorwaarden in de V.S. populairder dan ooit. Gewoon al het geld op één hoop gooien, zonder excelsheet of contract – dat kunnen twintigers en dertigers zich niet veroorloven. Wat rest is het gepieker óf extreem veel communiceren over geld. Of, zoals in mijn geval, ook de bankapp van mijn telefoon verwijderen.
Wat mij verder bezighield:
Zoals velen zag ik Sentimental Value, een film over een narcistische vader die zijn kunst en alcoholisme verkoos boven de zorg voor zijn dochters. De film deed mij sterk denken aan de opmars van de ‘emotioneel onvolwassen ouder’ en het benauwde therapeutische prisma waardoor we onze ouders zien. Zoals psycholoog Joshua Coleman opmerkt: we stellen veel te hoge eisen aan onze ouders, zoals we eerst teveel druk legde op de romantische relatie. Vaders en moeders moeten cheerleader zijn, aanmoedigend en enthousiast, en hun kind op precies de juiste manier ondersteunen in haar emoties. Die normen zijn voor veel ouders onhaalbaar. En zoals schrijver Nina Polak terecht opmerkt in de bespreking van de film: sommige mensen kunnen niet anders dan hun liefde uiten middels hun kunst.
Coleman benadrukt in zijn boek Rules of Estrangement dat niet alleen de ouder-kindrelatie belangrijk is voor een gezonde (emotionele) ontwikkeling. Net zo zwaar wegen de sociale omgeving (zoals school), het genenpakket van een kind, en de relatie met zusjes en broertjes. Naar die relatie was tot voor kort maar weinig onderzoek gedaan, maar nu groeit de aandacht naar de ‘siblingrelatie’, zowel in de wetenschap als populaire cultuur. Denk aan de enorme bestseller van Sally Rooney, Intermezzo, over de relatie tussen twee broers. Of de almaar uitdijende interesse naar ‘the eldest daughter’ (als zelfs Taylor Swift erover zingt…). Die toenemende belangstelling voor broers en zussen, voor de volledige context waarin een kind opgroeit, vind ik hoopvol. Want het dominante hechtingsparadigma – waarin veilige hechting als een soort voorspeller wordt gezien van een succesvol en aangenaam leven van een kind – verhoogt de druk op ouders, en in het bijzonder moeders.
Dat de relatie met onze broers en zussen van grote invloed is, liet ook het dilemma zien waar een lezer mij over mailde. Broer en zus weigerden samen aan de kersttafel te zitten, tot haar grote verdriet. Wat te doen, wilde de lezer weten: ingrijpen of loslaten? In mijn adviescolumn geef ik antwoord.
Bij Nieuwsweekend verklaarde ik de groeiende populariteit van familieopstellingen. En leg ik uit waarom het helpt om de mentale plaatjes die je maakt over je relaties te externaliseren, zoals in een opstelling. Op die manier kun je tot nieuwe inzichten komen, makkelijker dan bijvoorbeeld als je praat met een therapeut. Wat je vertelt, heb je vaak al cognitief eigen gemaakt, het verhaal heeft zich al gevormd in je hoofd. Dat geldt soms niet voor de onbewuste beelden en daarom kan het helpen om die een plek te geven in de ruimte om je heen (zoals: je denkbeeldige vader ver bij je vandaan plaatsen).
Tot mijn verbazing maken sommige mensen helemaal geen beelden in hun hoofd. Zij herinneren zich geen plaatjes of filmachtige beelden. The New Yorker maakte een fascinerend portret van deze zogeheten ‘aphantasia’.
Tot slot las ik dit heerlijke stuk over het belang van ‘stoppen’ in een maatschappij die doorzettingsvermogen verheerlijkt.
Mocht je, anoniem, willen delen hoe jij en je partner met geld omgaan: reageer op deze mail. Ik ben benieuwd.
Tot de volgende!
p.s. In therapie is nu te beluisteren op Spotify en Storytel.
Lezen kan ook nog steeds, bestel het boek hier.



Dat beeld van de bankapp die je telkens opent terwijl je eigenlijk niks anders te doen hebt — dat herkende ik direct. Niet om de cijfers, maar om het ritme van controle-zoeken als vervanging van iets dat je niet kunt benoemen. Wat me opviel is hoe de gezamenlijke rekening een soort doorlichting wordt: iemands karakter is ineens niet meer een gevoel maar een getal, een reeks albertheijnbezoeken. Jouw schoonouders’ advies is overigens precies het advies van mensen die nooit het idee hebben gehad dat alles kon kantelen als je het een week niet bijhield.
Als geld filosoof vind ik dat we geld te belangrijk gemaakt hebben. Over het algemeen ben ik niet zo van struisvogelpolitiek. Alleen om in dit geval je bank-app van je telefoon te halen, kan best praktisch zijn.
Alleen hoop ik nu dat je niet tegen allerlei situaties aan gaat lopen waarbij die bankapp toch behoorlijk praktisch zou zijn geweest.
Nee, ik geef geen relatieadvies over geld. Ik ben een monetaire hervormer. Ik houd me vooral bezig met de bijzondere manier waarop we ons geldstelsel hebben ingericht.